Interviews

Ellen Blakborn

Geplaatst door: Redactie | 21 Mei 2010

Ellen Blakborn helpt binnen het maatjesproject VONK mensen die financiële problemen hebben weer een eindje op weg door orde te scheppen in de chaos. Een uitdagende opgave.

Wat doe je bij Delta Lloyd?

Ik ben medewerker binnen het Aandelenteam van Asset Management. Spin in het web tussen portfoliomanagers, trading en het management zelf. Alles draait om onze beleggingsfondsen, orders en cash flow zodat de portefeuillemanagers inzicht hebben in wat er in en uit gaat gedurende een dag. Met die informatie kunnen we op de verschillende beurzen – waar nodig – snel handelen.

Hoe kijk je aan tegen armoede in Nederland?

Mijn gedachte was: “Armoede in Nederland, dat valt toch wel mee?” Toch is er een deel van onze bevolking die om diverse redenen in de problemen zijn geraakt of niet in onze maatschappij mee kunnen komen. Je hoort er wel over, maar nu ik dit vrijwilligerswerk doe is het ineens heel dichtbij. Dan sta je live in verhalen die je anders alleen op tv ziet.

Ooit eerder vrijwilliger geweest?

Dit is mijn eerste job maar zeker niet de laatste.

Met welk project heb je de meeste affiniteit?

Toen het project VONK zich aandiende, dacht ik direct: “Daar kan ik wat mee.” Het is praktisch maar ook heel sociaal.

Wat zijn jouw persoonlijke ervaringen met financiële zelfredzaamheid en bewustzijn?

Het feit dat een eenpersoonshuishouden bij de Voedselbank met minder dan 175 euro per maand moet rondkomen. Tsjonge, dat geef ik wel eens uit aan een paar schoenen. Dan sta ik wel een beetje met het schaamrood op de kaken. Mensen die bij de Voedselbank komen en in de schuldhulpverlening zitten, hebben meestal meer problemen dan financiële. In veel gevallen blijken de financiële problemen niet de oorzaak maar een gevolg. Het wordt voor mij steeds duidelijker hoe belangrijk ieder puzzelstukje van het leven is: of dat nou familie, collega’s of vrienden zijn. Het gevoel van veiligheid en het hebben van een thuis. Of samenhang in werk en opleiding. Maar ook eigenwaarde en voor jezelf op kunnen komen. Als een deel van de puzzel ontbreekt, kunnen problemen zich sneller voordoen.

Raakt het je als je ermee in aanraking komt?

Zeker, maar je moet het ook weer van je af kunnen zetten. Je kunt niet andermans problemen oplossen. Wel kun je mensen een helpende hand bieden en ze de goede weg op coachen. Plus: ik besef nu beter wat ik zelf heb…

Wat is je motivatie geweest vrijwilliger te worden?

Ik heb altijd vrijwilligerswerk willen doen maar het kwam er maar niet van. Tot de Foundation-tour van start ging: met een ouderwetse Amerikaanse schoolbus gingen we langs diverse projecten die de Foundation steunt. Dat gaf een idee van de vele mogelijkheden. Toen ben ik gegrepen door wat ik tegenkwam bij de Voedselbank.

Wat heb je precies gedaan?

Eerst even dit. Voor je aan de slag gaat als maatje krijg je van VONK een uitgebreide training. De medewerkers van VONK houden voorgesprekken met de cliënten. Zij inventariseren de situatie en wat de hulpvragen zijn. Dan maken ze een match tussen de cliënten en maatjes en leggen de case voor. Ik mag kiezen of er een kennismakingsgesprek komt of niet. Na dit gesprek geven cliënt en maatje aan of ze het zien zitten. Het einddoel is altijd de hulpvraag van de cliënt: ervoor zorgen dat hij weer (financieel) zelfredzaam wordt. Als hij zegt: “Ik wil mijn administratie en financiële uitgaven weer inzichtelijk hebben om zo uit de schulden te kunnen komen.” Dan gaan we mappen maken om de administratie op orde brengen. Daarna inventariseren we de inkomsten en uitgaven, waarop eventueel kan worden bespaard en of er subsidies voor kunnen worden aangevraagd. Vervolgens gaan we kijken of de cliënt zelf afspraken kan maken met de schuldeisers of dat de schulden te hoog zijn en er via de schuldhulpverlening een WSNP (Wet Sanering Natuurlijke Personen) aangevraagd dient te worden gedaan. Dit is de praktische kant. Cliënten kunnen zich ook onzeker of eenzaam voelen door hun positie in de maatschappij. Het geeft lucht door er alleen al voor ze te zijn, niet te oordelen, of met ze te praten en wekelijks bij ze op bezoek te gaan om hun verhaal aan te horen.

Hoe combineer je Fred met je werk? Ga je onder werktijd?

Nee, daar is mijn werk niet geschikt voor. Ik doe mijn werk voor VONK in de avonduren en in het weekend. Daar besteed ik ongeveer vier uur per week aan. Mocht ik een keer mee gaan met mijn cliënt naar een afspraak bij een instantie dan stem ik dit vooraf goed af met mijn collega’s en leidinggevende. Dit werk is niet vrijblijvend. Vaak lopen de cliënten tegen weerstand en frustratie door wat ze bij instanties meemaken. Of ze voelen zich teleurgesteld door negatieve ervaringen vanuit hun directe omgeving. In principe staat er circa een jaar voor per cliënt, maar het is mogelijk eerder te stoppen als de cliënt hier klaar voor is. Bij VONK ga je dus wel een committent aan, want eraan beginnen betekent ook: de klus afmaken.

Hoe hebben de deelnemers het project ervaren?

In de regel als positief. De cliënten zijn vaak erg dankbaar. Maar soms zitten dingen tegen. Als instanties slecht meewerken of de cliënt zich niet aan zijn of haar afspraken houdt, dan moet je wel eens tot tien tellen… Maar ach, dat heb je op het werk toch ook ;-)

Wat heeft Fred-zijn jou gebracht?

Veel. Door mijn kennismaking met deze mensen heb ik een ander beeld van een deel van onze maatschappij gekregen. Sommige mensen kunnen zo snel in de problemen komen… Ik vind het soms confronterend maar tegelijkertijd leerzaam. In het bijzonder op coachingsgebied. Het is mooi te zien hoe iemand vanuit een neerwaartse spiraal weer terugveert. Ik vind het een enorme verrijking van mijn leven. Het is fijn om er voor een ander te kunnen zijn als hij door de bomen even het bos niet meer ziet.

Waar ben je het meest trots op?

Ik vind het woord trots niet relevant in mijn werkzaamheden als vrijwilliger. Wel ben ik trots op de betrokkenheid van Delta Lloyd en hoe er ruimte wordt gegeven voor de medewerkers hun kennis en kunde maatschappelijk in te zetten.

Wat zou jij de Foundation adviseren met Fred te doen?

Zoveel mogelijk collega’s deel te laten nemen. Je leert er zoveel van.

Vertel je collega’s, vrienden en familie over jouw Fred-activiteiten?

Ja, op mijn werk en ook thuis aan mijn familie en vrienden. Ze vragen eerder naar mijn Fred-activiteiten dan mijn gewone werk en ik merk dat ze de verhalen interessant vinden.

Smaakt Fred-zijn naar meer vrijwilligerswerk?

Zolang het me voldoening blijft geven wel. Ik zou willen dat iedereen – voor zover het past in en bij zijn of haar leven – iets voor iemand anders kan doen. We leven in een individualistische en meritocratische maatschappij. Daarom zou ik zeggen: “Steek eens een hand uit naar de mensen die (even) niet mee kunnen komen.”

0 reacties

Reageer

Je moet zijn om te kunnen reageren.